Het bekerteam heeft vrijdagavond de bekerwedstrijd tegen Sissa 1 met 3-1 verloren. Het bekerteam van Sissa bestaat uit spelers van de teams die in de hoofdklassen van de NOSBO-competitie de eerste plaatsen bezetten. In de derde ronde had Roden 1 nog ruim verloren van Sissa 2. Logisch dus dat vooraf met een nederlaag rekening werd gehouden. Toch was dat een verkeerde instelling. Dat is het bijna altijd, maar misschien was de uitslag anders geweest als we ons niet de underdog hadden gevoeld. Lieuwe Boskma en Ruurd Kunnen speelden remise. Lieuwe verraste zijn tegenstander al vroeg in het middenspel met een eenvoudige eeuwig schaakcombinatie. De partij van Ruurd eindigde in een gecompliceerde stelling eveneens met zettenherhaling, mede omdat beide spelers in tijdnood geen uitglijders wilden riskeren. De partijen van Tom Visser en Johan Zwanepol gingen verloren. Johan speelde een passieve variant van het Spaans en liep positioneel nadeel op. Hij verloor een stuk door een misrekening en kon het daarna niet meer droog houden. Onze lijstaanvoerder intern speelde aan het eerste bord een prima partij tegen een gerenommeerde tegenstander. Hij kwam een pion voor, stond positioneel goed en een remise leek binnen handbereik. De partij eindigde abrupt toen Tom een matdreiging over de lange diagonaal over het hoofd zag en een stuk verloor.

 

Tom Visser en Frits Bosman hebben op de eerste speelavond van 2020 beste zaken gedaan. Tom vergrootte zijn toch al ruime voorsprong in het klassement. Hij won van Ruurd Kunnen, terwijl naaste belager Dick Dalmolen het hoofd moest buigen voor Lieuwe Boskma. Frits Bosman is geklommen naar de tiende plaats in de algemene rangschikking en gaat ruim aan de leiding in groep C.
De avond was ongewoon begonnen. Als gevolg van een kortsluiting in de keuken viel het licht in de speelzaal uit en niemand wist waar de meterkast was. Na enkele minuten wachten trokken de meeste spelers naar het licht. Het was een curieus gezicht om clubgenoten voorzichtig met de stukken op het bord naar een van de lokalen achter in het pand te zien schuivelen terwijl hun tegenstander braaf volgden met de klok en het doosje voor de stukken. Sommigen namen zelfs hun tafel mee naar het andere lokaal, maar er waren er ook die bij het licht van hun smartphone gewoon verder speelden. Tom en Ruurd hadden hun tafel voor de ingang van de wc-ruimte neergezet waar ze goed licht hadden, en Dick en Lieuwe hadden genoeg aan het schijnsel van het grote computerscherm dat verrassenderwijs niet was uitgevallen. Na een half uur ging het licht even plotseling aan als het was uitgegaan. Een technicus van de gemeente of WIN was ons met gezwinde spoed te hulp gesneld en had de aardlekschakelaar omgezet. Zoveel licht …. we moesten er weer even aan wennen.
Voor Ruurd was de partij tegen Tom van cruciaal belang, want alleen door te winnen meende hij nog enige kans op de eerste plaats te behouden. Hij speelde echter onzeker en raakte al in de opening de weg kwijt. Tom was alert en benutte zijn kansen met goed en gemakkelijk spel. Lieuwe maakte energiek spelend een einde aan de ongeslagen reeks van Dick. Dick staat nog tweede, maar zijn voorsprong op Lieuwe is flink geslonken. Tom heeft een grote voorsprong opgebouwd. Zelfs als hij in de komende rondes twee keer achter elkaar zou verliezen, blijft hij eerste. Wie kan van hem winnen? Wij zetten ons geld op Theo Wolthekker.
Theo is het nieuwe jaar in stijl begonnen met een fraaie overwinning op Peter Slaman en is opgerukt naar de vijfde plaats. Hij wordt gevolgd door Henk van Bemmel die zich heeft hersteld van een slechte seizoenstart. Dit keer bond hij Johan Zwanepol aan de zegekar. In de B-groep is Peter na zijn nederlaag tegen Theo teruggevallen. Hij staat nog tweede, maar Jan van Spijker, die het volle punt scoorde tegen Jeppe Teensma, is zit hem op de hielen. Olaus Diebrink speelt weinig, maar sprokkelt steeds voldoende punten bij elkaar om de leiding te behouden.
De sensatie van deze competitie is op dit moment Frits Bosman. Hij versloeg in rap tempo Jan Duisterwinkel waardoor hij een ruime voorsprong in groep C heeft genomen en in de algemene rangschikking met een tiende plaats vrijwel alle B-spelers achter zich houdt. Arnout Wegerif is in deze groep gestegen naar de tweede plaats. Hij won zeer verdienstelijk van Kees Duisterwinkel.

O, zit het zo!

Er zijn soms van die momenten dat je het ziet. Zeker in deze donkere dagen voor kerstmis focussen we ons op het vooruitzicht van wat meer licht. Hoe symbolisch is het dan wanneer één van de schakers halfverwege de avond toch wat meer duidelijkheid over zijn positie wil hebben en aan het juiste knopje draait. Ineens 50% meer licht op tafel! “O, zit het zo” reageert mijn tegenstandster die nu de geheimen van onze stelling ontsluiert. En jawel de ene goede zet na de andere. Ook naast me vindt Cees Hageman de juiste voortzetting. Na een goed opgezette aanval verslaat hij met een mooie combinatie Arnout Wegerif. En was dit extra licht ook niet het keerpunt in de partij van Lieuwe Boskma tegen Henk van Bemmel? Ineens blijkt dat Lieuwe na een slecht gespeelde opening (het Albin Countergambiet?) wel de kenmerken van de stelling door heeft en toch nog een remise uit het vuur sleept. Is hier onder het motto: “Meer licht geeft beter inzicht” spraken van positieve wedstrijdbeïnvloeding?

Nog voor het extra licht nieuwe inzichten kon verschaffen had JanWillem van der Kouwe al een gewonnen positie opgebouwd tegen de donkere stukken van Teije Smedinga en had Kees Duisterwinkel Klaas Wiersinga verslagen.

Op deze rustige schaakavond zo vlak voor het kerstfeest waren de hoog geklasseerden in een vredige stemming. Zo ze niet thuis wilde zijn zoals Tom Visser of deelnamen aan het “Chess-festival” in Groningen, Ruurd Kunnen, namen ze snel genoegen met remise. Dit gold voor Dick Dalmolen die speelde tegen Johan Zwanepol en Peter Slaman tegen Ale Bakker. Door deze resultaten blijft Tom Visser eerste op ruime afstand gevolgd door Dick en Ruurd. Peter Slaman kon door zijn remise de koppositie van Olaus Diebrink in de B poule (nog) niet overnemen.

Het zelfde gold voor Jan Pezij in de C poule die de afstand tot de koploper Frits Bosman niet kon verkleinen. Hij speelde gelijk tegen Jan Duisterwinkel.

Onder toeziend oog van onder meer de gebroeders Duisterwinkel, kwam toch nog het inzicht tot me; mat in twee. “O, zit het zo!”

 

Fijne kerstdagen en een voorspoedig Nieuwjaar!

 

Roden 2 heeft tegen het op papier sterkere Haren&Oostermoer 1 zichzelf te kort gedaan met enkele grove blunders. Zo gaf Jan van Spijker aan bord 1 tegen Andreas Tasma zomaar een stuk cadeau en liet Olaus Diebrink met zelf nog genoeg tijd op de klok de in tijdnood verkerende Tim Schmidtke profiteren van een misser. En volkomen onverwacht maakte Ale Bakker een cruciale openingsfout die hem al snel deed verliezen. Ook Jan Duisterwinkel liet zich beetnemen in een bijna gelijkwaardige stelling.
Er vielen slechts twee remises te noteren. Aan bord 4 verweerde Arnold Meijster zich zeer verdienstelijk tegen Joris Spanjer en aan bord 6 weerstond Arend van der Burgh een aanval van Jesper Spanjer. Kortom een 1-5 nederlaag en voorlopig de rode lantaarn in de eerste klasse A.

De 13e ronde van de interne competitie bracht Tom Visser geluk en Ruurd Kunnen pech. Laatst genoemde won tegen Johan Zwanepol in het vroege middenspel een kwaliteit. Johan bleef echter actief tegenspel bieden waardoor de winst moeilijk was. In een chaotische tijdnoodfase die kort werd onderbroken omdat onreglementaire zetten waren gedaan, weigerde Ruurd een remiseaanbod om pal daarop een toren en de partij weg te geven. Tom Visser moest erg op zijn hoede zijn om zich een secuur spelende Jan Pezij van het lijf te houden. Het leek er een tijdje op dat Jan de veilige remisehaven zou bereiken, maar toch strandde het schip en kon Tom de partij naar zich toe trekken. Hij gaat nu stevig aan de leiding.
Dick Dalmolen staat weer alleen op de tweede plaats. Hij bleek zijn openingstheorie beter op orde te hebben dan Henk Kouwenberg en binnen anderhalf uur was het pleit beslecht. Dick is jaren niet zo goed op dreef geweest en heeft dit seizoen nog geen partij verloren.
Lieuwe Boskma wist het met een pion en een kwaliteit minder droog te houden tegen Peter Slaman. “Ik zie niets”, klaagde Lieuwe, maar hij was nog kien genoeg om een verdedigingslinie op te werpen waar Peter niet doorheen kon breken. Met deze remise behoudt Lieuwe de vierde plaats.
Olaus Diebrink heeft nog altijd de leiding in de B-Poule maar wordt op de hielen gezeten door Peter Slaman. Frits Bosman staat eerste in het klassement van de beste spelers in de C-poule. Hij wordt gevolgd door Jan Pezij maar Arnout Wegerif is Jan door winst op Jan Willem van der Kouwe tot op enkele punten genaderd. Vorige week ging het gerucht al dat Arnout meer gambiet wilde spelen en tegen Jan Willem offerde hij inderdaad zijn b-pion. We moeten hem in de gaten houden. De stelling was zo moeilijk geworden voor Jan Willem dat hij een paard weggaf. Dan had Theo Wolthekker zijn paarden beter gedresseerd. Met zijn zwarte cavalerie sprong hij door de stelling van Cees Hageman die uiteindelijk voor de keuze stond of mat gezet te worden of zijn dame te verliezen. Genoeg reden om onze paardenliefhebber de hand te schudden. En terwijl zijn handen over de stelling zweefden twijfelend over de beste zet, wist Kees Duisterwinkel een paard van Jannie Russchen te veroveren waarna hij met een overtuigende aanval het punt binnen kon slepen.
Voor Leen van der Heiden was het ploeteren voordat hij Bob van Maanen in het eindspel het nakijken gaf en nadat hij zich lange tijd goed had verdedigd moest Klaas Wiersinga de eer van de sterkste deze avond over laten aan Teije Smedinga.

Adrie

 

Een avondje snelschaken samen met drie schakers uit Leek en één uit Haren geweldig toch! Vier en twintig mensen die in 10 minuten tijd een partij van enig niveau proberen te spelen, 10 minuten opperste concentratie en spanning. Is op hen het inzicht, zo'n 2000 jaar geleden, van de oude Griekse filosoof Plutarchus, van toepassing?: “Je lijdt niet onder wat je overkomt, maar onder je eigen oordeel daarover”. Later vervormd tot: “Always look on the bright side of life” (Monty Python) of “Tel je zegeningen” (mijn internist). Nu ja, deze “bemoedigende schouderklopjes” mogen dan misschien gelden voor een kunstenaar die lijdt aan depressies maar als vervent schaker is de leer van Plutarchus wel een erg simpel uitgangspunt.

 Als toeschouwend barkeeper raakte ik al spoedig in trance van het ritmische geluid van het indrukken der klokken. Een vlug deel (opening) gevolgd door een wat rustiger deel (middenspel) met als apotheose een zeer vlug deel in schaaktermen tijdnood genoemd.

Maar wat in een sonate niet het geval is, er zijn ook duidelijk vocale uitingen hoorbaar. Ontsteltenis bij het weggeven van een stuk tot een langdurige jammerklacht wanneer je ongewild van je dame wordt beroofd of in een gewonnen stelling door de vlag gaat. Maar ondanks of misschien ook wel dankzij dit leed blijven we gefascineerd door dit snelle spel met al zijn verrassende wendingen.

Hoe verrijkend is het niet om dit een keer als toeschouwer te beleven op een punt waar iedereen te samen komt: de bar. Daar worden de eerste emoties van vreugde, voldoening, afschuw, zelfverwijt en verbazing geventileerd onder de geneugte van een kopje koffie, een glas water of wijn en enkele hartige versnaperingen.

Het is vooral boeiend wanneer een partij niet geheel volgens de regels dreigt te verlopen. Zo zag ik Lieuwe Boskma en Jan van Spijker in de openingsfase van hun partij in snel tempo de klok in tikken. Een voor beide bekende opening leek mij. Laat ik maar eens een kijkje nemen. Ze bleven in hoog tempo de klok indrukken maar deze bleef voor beide partijen precies op vijf minuten staan. Hm, dat kan zo nog een latertje worden dus spreek ik de beide heren aan: “Sorry maar uh een saillant detail misschien. Is het jullie bedoeling dat de klok ook gaat lopen?” Beide moesten lachen en hervatte vol goede moed, maar in een wat rustiger tempo hun partij.

Na de vijfde ronde kwam Arnold Meijster opgetogen naar de bar terwijl ik de consumptielijst bijwerkte. “Ik zat naast Kees Duisterwinkel en die opende op een wel heel speciale wijze: Adrie”. Nu was mij bekend dat Kees nooit een hartstochtlijke schaakvluggeraar is geweest en graag deze manier van “gokken” wat aangenamer maakt door wat openingsexperimeten uit te proberen. Maar “Adrie”, kende ik nog niet. Wat glazig keek ik Arnold aan, “Adrie” hoe gaat die dan? “Nou gewoon” reageerde hij wat verbijsterd, “Adrie”. “Maar wat doet zwart dan?” Maakt niet uit e5 of d5. Dan speelt wit b4”. Het kwartje viel: a3, e5, b4 en daarna Lb2, “Ohhhh een soort Orangutan in de nahand” zei ik om mijn ego wat te masseren. Klinkt niet slecht. Misschien kunnen we deze vondst ook noemen naar de uitvinder ervan: “the Darkcorner Defense System”. Agendapunt voor de komende A.L.V.?

 Het zal de lezer waarschijnlijk niet verbazen dat Tom Visser (prima in vorm) met 7 punten uit 8 partijtjes, de blitzranglijst aanvoert en de Leekster schakers Pieter Doller en Jan-Arie Stokhorst de tweede en derde plaats bezetten. Arnold Meijster was met zijn vijfde plaats tevreden en had zijn openingskennis dankzij Kees weer wat aangevuld. Wat me wel wat pijn doet is de laatste plek van Kees die van zijn “Adrie” toch iets meer had verwacht. Zal Plutarcus hem nog kunnen troosten of kan hij dat alleen goed af. Ik denk het laatste.

Wat zijn we toch een gezellig clubje!

Schone schijn

“De illusie is zo vaak troostender dan de werkelijkheid”. Deze uitspraak van Jan Timman las ik in de “spreukentuin” van het kerkhof in Bergen. Een uitspraak opgenomen in het boek “Van Schoonheid en Troost” geschreven door Wim Kayzer naar aanleiding van een reeks gesprekken die  hij in 2000 voerde voor de VPRO televisie met grootheden op diverse terreinen zoals de paleontoloog Stephen Jay Gould, de dichter en psychiater Rutger Kopland, de kunstschilder Karel Appel, de dirigent Vladimir Ashkenazy, de schrijver Marten Toonder en ook met Jan Timman. De gesprekken gingen over onderwerpen zoals:  “Wat maakt het leven de moeite waard?”, “waar vinden we schoonheid?”, “waardoor worden we getroost?”

In ons geval dringt deze laatste vraag zich iedere maandagavond weer op, zo ook tijdens de 12e ronde. Na een soms trage wekelijkse start met wat tegenslagen raken we al snel in lichte extase na een vermeende prachtige combinatie met mat als apotheose. In euforische staat komen we thuis en willen we de vreugde versterken door onze prestatie te laten bevestigen door Fritz, Rybka, Stockfish 10 of hoe al deze digitale betweters ook mogen heten. De eerste 10 zetten bevestigen ons gelijk. Nou ja e3 i.p.v. e4 op de 7e zet was misschien wat beter maar zeker niet fout. Naar gelang we verder in het middenspel vorderen worden de uitslagen van onze “Analyse engine” steeds groter. Zo maar van plus naar min drie en op het moment dat mijn prachtige combinatie zich aandient blijkt mijn tegenstander daaraan zijn volledige medewerking te hebben verleend. Er zat al een lek in mijn berekeningen na de tweede zet. “Bah, wat ben ik toch een analoge prutser”, en ik vervloek de gevoelloze digitale engerds. 

Ik hoop van harte dat Arnold Meijster na zijn goede eindspel tegen Dick Dalmolen deze prestatie niet heeft gedeeld met zo'n gevoelloos digitaal rekenwonder. Mogelijk had hij dan kunnen winnen hetgeen zeker afbreuk zou doen aan zijn euforische stemming na een verdiende remise. Of neem nu Jan Duisterwinkel die op zeer nuchtere wijze Jeppe aan het wankelen bracht. Mocht laatst genoemde niet opgetogen met remise huiswaarts gaan na zoveel clementie? En hoe moest Frits Bosman van zijn overwinning tegen Cees Hageman hebben genoten. Maar zou diezelfde Cees  onder het toeziend oog van Fritz 8 niet tot wanhoop zijn gedreven na zoveel gemiste kansen? 

Nu ja, gelukkig zijn er onder ons ook schakers die minder analytische bevestiging nodig hebben zoals Arnout Wegerif, die een evenwichtige partij op het bord bracht tegen Mark Hoogendijk en een verdienstelijke remise noteerde. Of laten we even stil staan bij Ale Bakker die geruisloos de opmars in het klassement van Jan Willem van der Kouwe tot staan bracht. Niks geen analyse achteraf. Genieten van het moment aan de bar. In de partij van Frans van Doorn tegen Henk Kouwenberg was analyse volstrekt overbodig. Mat in één missen en vervolgens Henk er op attent maken dat de stand geen remise is maar hij mat in twee zetten kan geven maakt toch iedere digitale betweter overbodig! 

De schone schijn van de illusie scheen ook voor Arend van der Burgh die met de zwarte stukken Kees Duisterwinkel bestreed. Het kon zoals in iedere partij van Arend ook nu weer alle kanten op maar zoals zo vaak de laatste weken; zijn kant. En voor Teije Smedinga schijnt weer het licht van het inzicht. Bob moest erkennen dat de beheerste aanpak van het spel hem te machtig was en reikte hem na twee uur spelen de hand.   

Nadat Dirkjan Korenhof de vorige keer in een partij met normale denktijd door zijn vlag was gegaan besloot hij dit keer met een uur bedenktijd tegen Derk Holman beter op de klok te letten. Dit kwam helaas zijn spel niet ten goede en ruim binnen de toegemeten tijd kon hij opgeven. 

En zoals altijd was aan Jannie Russchen niet te zien of ze nu gewonnen of verloren had. Ditmaal was Leen van der Heide haar tegenstander. Beide waren na de partij even vrolijk als er voor. Is het dan toch waar dat de illusie vaak troostender is dan de vermeende werkelijkheid? Is die werkelijkheid niet vaak de schone schijn? Ik leg deze vraag voor aan mijn digitale betweters. Dit maal geen antwoord. Wat is het analoge leven toch boeiend. 

In de achterkamertjes van het Scheepstraschooltje joeg ook het eerste een illusie na: winnen van Sissa 2. Het ratingverschil was niet erg groot, en zij bleken ook nog twee invallers te hebben. De werkelijk was prozaïscher - we konden niet tegen hen op en gingen met 2½-5½ het schip in. Johan Zwanepol was het eerste klaar en zorgde direct voor het enige volle punt dat wij zouden scoren. Pal daarop verloor Henk van Bemmel en was de stand weer gelijk. Henk keek zeer ontevreden, blijkbaar was er iets mis gegaan. Tom Visser en Ruurd Kunnen zorgden met remises voor 2-2. Tom had misschien ergens een kans op meer laten liggen. Ruurd was de opening niet goed doorgekomen maar was sterk teruggekomen en had zelfs een eindspel met twee pluspionnen bereikt. Beiden hadden een spannende partij gespeeld wat troost bood voor een wellicht suboptimaal resultaat. Die troost had Lieuwe aan het eind van de avond nog niet gevonden. Hij had verloren terwijl remise binnen handbereik was. Ook voor Ward Romeijnders was het geen geweldige avond. Halverwege de partij was er gedoe over een onreglementaire zet waardoor arbiter Arend van der Burgh te hulp moest worden geroepen. Daarna werd Ward langzaam weggespeeld. Het pionneneindspel leek nog spannend, maar stond toch verloren. De twee onderste borden waren het laatst klaar. Theo Wolthekker moest de koning omleggen. Daar had het niet naar uitgezien, maar Theo bleef opgewekt, want hij houdt van schaken en vindt het resultaat van de partij ondergeschikt aan het plezier dat het spel hem biedt. De partij van Peter Slaman tenslotte werd remise. Even had het erop geleken dat hij zou verliezen, maar Peter mag zich troosten met de wetenschap dat hij goed heeft verdedigd.

We staan nu één na laatste. Alleen ESG staat nog onder ons, maar dat heeft een wedstrijd minder gespeeld. Geen paniek. Onze kansen komen nog.